Inloggen Account aanvragen

Uitzonderingen afzenderschap

Bij samenwerkingen in EU-verband gelden andere regels rond afzenderschap. Ook bij Holland Branding zijn de regels anders.

EU-logo

Rijksoverheidsorganisaties werken veelal in EU-verband. Bijvoorbeeld in samenwerkingsprojecten die de Europese Unie financiert. In zo’n geval moet je het EU-logo in communicatiemiddelen gebruiken. De EU geeft hiervoor richtlijnen af.

Is een rijksoverheidsorganisatie afzender? Dan krijgt de uiting de rijkshuisstijl vormgeving. Er zijn vaste plekken voor het EU-logo binnen de rijkshuisstijl. Zoals bij:

  • Brieven

    Het EU-logo is het enige andere logo dat in een rijksoverheidsbrief mag staan. Het EU-logo komt onderaan in het kenmerkenveld, na alle briefinformatie. Het gaat altijd om de zwarte lijntekening-versie. Erboven mag een toelichting staan in Verdana italic, corps 6,5. Eronder mag de naam van de EU-organisatie staan in Verdana regular, corps 6,5.
  • Websites en publicaties

    Op websites en in publicaties (brochures, folders etc.) is het colofon de aangewezen plek voor het EU-logo. Net zoals dat ook geldt voor logo’s van andere samenwerkingspartners.
  • Advertenties en formulieren

    Bij advertenties en formulieren kun je in het tekstvlak logo’s van derden of keurmerken plaatsen. Deze plek is ook geschikt voor het EU-logo.

Holland Branding

De Holland-huisstijl is de enige afwijkende stijl die rijksoverheidsorganisaties mogen gebruiken. Holland branding gebruik je alleen bij beeldvorming van Nederland als geheel. Zoals promotionele en handelsbevorderende activiteiten. Voor het voeren van de Holland-huisstijl heb je toestemming nodig van van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en een licentie van de NBTC.

Het gaat om de volgende situaties:

  • Het gaat om (economische) promotie en handelsbevordering voor Nederland als geheel. En de doelgroep bestaat uit buitenlanders binnen en buiten onze landsgrenzen. 
  • Activiteiten zijn in overeenstemming met de Holland Brand Strategie. 
  • De Rijksoverheid heeft niet tegelijkertijd een gezagsdragende rol. Bijvoorbeeld handhaving en uitvoering van wet- en regelgeving en uitgifte van officiële documenten.
  • Activiteiten zijn niet strijdig met gevoelige politieke onderwerpen. En ze vormen geen gevaar voor ministeriële verantwoordelijkheden. 
  • Activiteiten zijn niet alleen commercieel van aard.