Inloggen Account aanvragen

Communicatiemiddelen SZW

Voor alle communicatiemiddelen van SZW gelden de algemene huisstijlrichtlijnen plus de organisatiespecifieke richtlijnen van SZW. Hieronder staan aanvullende huisstijlregels voor brochures, affiches, informatiebladen, advertenties en nieuwsbrieven.

Brochures

Maak brochures op volgens de algemene richtlijnen voor brochures en houd daarnaast rekening met onderstaande punten:

Colofon

Plaats eventuele afzender- en publicatiegegevens in de linkeronderhoek op de achterzijde van de omslag. Heb je meer ruimte nodig? Dan kun je uitwijken naar het bovenste vlak. In het colofon kun je ook ‘partners’, ‘in samenwerking met’ of ‘in opdracht van’ vermelden. Het colofon mag aangevuld worden met namen van andere ministeries of logo’s van samenwerkingspartners. Deze logo’s mag je niet ergens anders op de omslag gebruiken (zie ook de algemene richtlijn voor Colofon).
Neem in ieder geval de volgende punten op in het colofon:

  1. De naam van het ministerie (eventueel andere meer gespecificeerde contactinformatie zoals een postadres, naam van een directie/afdeling of telefoonnummer).
  2. Een publicatiedatum: bij voorkeur een maand uitgeschreven in letters (bijvoorbeeld januari 2010).
  3. Het Copyright teken gevolgd door de ministerienaam.
  4. Een bestelnummer (optioneel).

Je gebruikt een kader onder het colofon zodra een foto helemaal doorloopt op de achterkant. Meer informatie over gebruik van het colofon vind je onder richtlijnen colofon. Het gebruik van een disclaimer is optioneel.

Binnenzijde omslag

Je mag de verticale vlakverdeling - zowel in kleur als met een typografisch kleurvlak - doorzetten op de binnenzijde van de omslag.

Binnenwerk

De verticale vlakverdeling komt in binnenwerken terug in een gecentreerde kolom opmaak. En in de denkbeeldige verticale centrale as waaraan je ontwerpelementen uitlijnt (zoals grafieken, kaderteksten en streamer). De vlakverdeling hangt af van het gekozen formaat. Zorg voor eenheid door in een brochure niet teveel te wisselen met het aantal tekstkolommen.

Grid

Probeer de opmaak ervan zoveel mogelijk te relateren aan de verticale gecentreerde as. De ruimte boven de zetspiegel mag je niet gebruiken. De ruimte onder de zetspiegel mag je gebruiken voor een sprekende voetregel en paginacijfer.

Kaderteksten

De kaders van kaderteksten staan altijd op stramien. Dat betekent dat de teksten ten opzichte van de broodtekst inspringen.

Afwerking: vouw- en bindwijze

Folders bestaan uit maximaal 6 pagina’s en worden (wikkelslag) gevouwen. Brochures worden gebrocheerd (soft cover) of gebonden (hard cover). Een brochure maak je vanaf 8 pagina’s of meer. Van 8 tot ongeveer 32 pagina’s wordt er gehecht gebrocheerd (nietje). Vanaf 32 pagina’s genaaid gebrocheerd (katernen naaien). Vanaf 32 pagina’s mag je (in overleg met de huisstijlcoördinator) ook andere bindwijzes toepassen. Bijvoorbeeld singeren (naaimachinesteek), cahiersteek (touwtje), garenloos brocheren (lijmen) of een wire-o (inringen). In overleg kun je een omslag met flappen toepassen. Afhankelijk van het papiersoort wordt er vanaf ongeveer 150 grams papier gerild. Genaaid gebrocheerde brochures krijgen op de omslag een platril.

Advertentie

Je maakt advertentie op volgens de algemene richtlijnen voor Advertenties. Hierop zijn enkele aanvullingen:

  • Vlakverdeling

    Bij zowel de fotografische als de grafische advertentie hang je het vlak altijd rechts van het logo. 
  • Kleur

    Bij de fotografische advertentie met een relatief klein tekstvlak wordt dit tekstvlak robijnrood. Bij een relatief groot tekstvlak is het tekstvlak wit en de heading en/of typografie robijnrood. Bij grafische advertenties kun je ervoor kiezen om òf het tekstvlak of het grafische vlak robijnrood te maken. Het andere vlak is dan één van de ondersteunende kleuren.

Affiches

Affiches mogen volledig typografisch of typografisch met beeld zijn. Je kunt grotere corpsgroottes gebruiken en typografie in beide vlakken toepassen. Je kiest het formaat van affiches afhankelijk van de omgeving waarin het affiche wordt geplaatst. Je kunt kiezen de A-formaten: A0, A1, A2 A3 en in een enkel geval A4.

Informatieblad

Je hebt de keuze uit wel of niet-aflopende opmaak. Hierop zijn de volgende aanvullingen:

  • Vlakverdeling

    Pas bij voorkeur de verticale vlakverdeling toe. Een andere vlakverdeling is ook toegestaan, afhankelijk van de hoeveelheid tekst. Je mag deze vlakverdeling niet doorzetten op de achterzijde van het informatieblad.
  • Opmaak

    De verticale vlakverdeling komt in binnenwerken automatisch terug in de gecentreerde 2-kolomsopmaak en de denkbeeldige verticale centrale as waaraan je ontwerpelementen (zoals grafieken, kaderteksten en treamer) mag uitlijnen.
  • Grid

    Je past het grid toe volgens de algemene richtlijnen en volgt de 2-koloms zetspiegel. De ruimte boven de zetspiegel mag je niet gebruiken, de ruimte onder de zetspiegel mag je gebruiken voor een sprekende voetregel en paginacijfer. 
  • Kaderteksten

    De kaders van kaderteksten staan altijd op stramien. Dat betekent dat de teksten ten opzichte van de broodtekst inspringen.

Nieuwsbrief SZW

Maak nieuwsbrieven op volgens de algemene richtlijnen. Je hebt de keuze uit wel of niet-aflopende opmaak. Hierop zijn de volgende aanvullingen:

  • Formaat

    Het eindformaat van de nieuwsbrief is altijd A4. Je hebt 3 mogelijkheden voor de nieuwsbrief: 2 pagina’s (enkel A4), 4 pagina’s (A3 punt op punt teruggevouwen tot A4) en 6 pagina’s (wikkelslag teruggevouwen tot A4).
  • Vlakverdeling

    Een nieuwsbrief heeft altijd een verticale vlakverdeling. Je mag deze vlakverdeling doorzetten op de achterzijde van de nieuwsbrief.
  • Opmaak

    Het grid van de nieuwsbrief bestaat uit 9 tekstkolommen. Je mag de tekst vrij verdelen over 1, 2 of 3 tekstkolommen. Binnen een artikel mag je deze verschillend of zelfs onevenredig verdelen. Hiermee kun je goed onderscheid maken tussen de verschillende artikelen en krijgt het een magazine-achtig karakter.
  • Grid

    Pas het grid toe volgens de algemene richtlijnen en zoek naar een (verticaal) gecentreerde zetspiegel. De ruimte boven de zetspiegel mag je niet gebruiken. De ruimte onder de zetspiegel mag je gebruiken voor een sprekende voetregel en paginacijfer. Voor elementen als quotes, kaderteksten, tabellen, grafieken en beeld mag je het kolommenstramien vrij gebruiken.
  • Kaderteksten

    De kaders van kaderteksten staan altijd op stramien. Dat betekent dat de teksten ten opzichte van de broodtekst inspringen.

Hoort bij

  • Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid